Heb je het gehoord, de zee stijgt enorm
de bossen staan in brand en steeds vaker is er storm
maar ik bouw geen ark, ik vlecht geen mand van riet,
kende ik maar iemand die de wind gebiedt
het land raakt overvol, geen plek voor vreemdeling
niet voor de gelukszoeker of voor een vluchteling
niet voor Ruth of Rachab, zelfs geen Samaritaan
Wie trekt zich het lot van de ontheemden aan
Mijn ziel, wees stil
Want je stilte wordt gehoord
Doe recht, wees trouw,
en laat je leiden door het Woord
Ik hoor van een dictator die zijn volk heeft kaal geplukt
Geen rechten voor de vrouwen, de homo’s onderdrukt.
Is er dan geen leider, die van genade leeft
eet met zwendelaars en medelijden heeft
Zoveel mensen moeten leven in armoede en nood
niets meer om te eten, op het randje van de dood
Laat het manna sneeuwen, deel de manden brood en vis
Sla water uit die rots als het levensreddend is
Mijn ziel wees stil
Want je stilte wordt gehoord
Doe recht, wees trouw,
en laat je leiden door het Woord
Wat is nog de zin als hij tussen haakjes staat
En ik het lijdend voorwerp van mijn liefde en mijn haat
In mijn onbepaalde wijs neem ik alle vormen aan
En hoe dat te vervoegen in een onbegrensd bestaan
Wat is nog de zin als hij tussen haakjes staat
En ik het lijdend voorwerp van mijn liefde en mijn haat
In mijn onbepaalde wijs neem ik alle vormen aan
en besef ik dat de zin slechts uit het Woord hoeft te bestaan
Mijn ziel weest stil
Want je stilte wordt gehoord
